Tagarchief: Uitgelicht

Hypotheekrente vast of variabel: wat is de beste keuze?

Je hebt de hypotheekvorm gekozen die het beste aansluit bij jouw situatie en toekomstverwachtingen. De eerste grote stap is gezet! Nu kom je vaak voor de keuze te staan tussen een variabele hypotheekrente of een rentevaste termijn. Wat voor jou de beste keuze is, hangt af van een paar aspecten, zoals renteverwachtingen en je bereidheid om een risico te nemen.

Variabele hypotheekrente

Onder een variabele hypotheekrente verstaan we een rentepercentage dat meebeweegt met de marktrente. Bij een variabele rente is het percentage niet iedere maand hetzelfde, maar kan het stijgen of dalen. Door een daling ben jij dan goedkoper uit, je betaalt dan immers een minder hoge rente over je hypotheek. Bij een stijging ben je juist duurder uit, omdat je dan een hogere rente betaalt.

Vaste hypotheekrente

Tijdens een rentevaste termijn, ook wel rentevaste periode genoemd, staat het rentepercentage vast. De schommelingen in de hoogte van de marktrente hebben geen invloed op jouw hypotheekrente. Hierdoor weet je tijdens die rentevaste periode precies wat voor hypotheekkosten jou te wachten staan. Als de marktrente rente stijgt, heeft dit op jouw hypotheek geen invloed, omdat jouw rente vaststaat. Dit geeft dus zekerheid. Hierdoor heb je namelijk geen risico op rentestijgingen.

De lengte van de rentevaste periode spreek je van tevoren af. Dit kan bijvoorbeeld zijn: 5, 10 of 20 jaar.

Beste keuze afhankelijk van renteverwachtingen

Het ligt vooral aan de marktsituatie wat het voordeligst is: variabele of vaste rente. Als je verwacht dat de rente in de toekomst gaat dalen, dan kun je het beste gaan voor een variabele hypotheekrente. Je profiteert dan van de rentedaling. Bij een vaste rente blijft het percentage gelijk en zal de rente dus niet dalen, waardoor je daar geen voordeel van hebt.

Aan de andere kant, als je verwacht dat de rente gaat stijgen, kun je beter voor een vaste rente gaan. Je hebt dan geen risico dat jouw hypotheekrente hoger wordt.

Bij een vaste rente ligt het percentage vaak wel hoger dan bij een variabele rente. Dit komt omdat je bij een vaste rente betaalt voor een stukje zekerheid.

Rekening houden met emotionele aspecten

Bij het maken van een keuze, moet je niet alleen rekening houden met de renteverwachtingen. Deze zijn namelijk nooit met 100% zekerheid te voorspellen! Als je een variabele rente hebt en de rente stijgt ineens, dan kunnen jouw maandlasten aanzienlijk hoger worden.

Bij het maken van de keuze, is het verstandig om ook de emotionele aspecten af te wegen. Denk jij dat je het mentaal aankan om onzekerheid te hebben over de hoogte van de rente? Kun jij omgaan met het risico op een rentestijging en mogelijk de stress die daarbij komt kijken?

Combinatie mogelijk

In sommige gevallen is het ook mogelijk om voor een combinatie van vast en variabel te kiezen. Je kan dan een vaste rente nemen op het ene deel van de hypotheek en een variabele rente op het andere deel. Hierdoor heb je een deel zekerheid en voor een deel profiteer je (mogelijk) mee van lagere rente. Mocht de rente toch stijgen, dan gaat dit alleen over het hypotheekbedrag van de variabele rente. Deze stijging kun je dan enigszins opvangen met het andere deel, dat een vaste rente heeft en dus niet duurder wordt.

Voor- en nadelen lineaire hypotheek

Bij een lineaire hypotheek los je iedere maand een vast bedrag af, met daar bovenop nog rente. Het rentebedrag wordt steeds minder naarmate de looptijd vordert. Een preciezere uitleg over wat een lineaire hypotheek precies is, lees je op de pagina hierover.

Zoals iedere hypotheekvorm heeft ook een lineaire hypotheek verschillende voor- en nadelen. Het is afhankelijk van jouw persoonlijke situatie en wensen of deze voordelen en nadelen zwaar meewegen in de beslissing voor een hypotheek.

De voordelen

  • Als starter op de woningmarkt is de hypotheekrente bij een lineaire hypotheek fiscaal aftrekbaar. Dit brengt iets mindering in de netto maandlasten.
  • Een lineaire hypotheek is over de volledige looptijd gezien de goedkoopste hypotheekvorm.
  • Er is een kleinere kans op een restschuld, omdat je al vanaf het begin van de hypotheek iedere maand een bedrag aflost. Hierdoor wordt het openstaande bedrag tijdens de looptijd steeds kleiner.
  • Zekerheid dat je de hypotheek aan het einde van de looptijd helemaal hebt afgelost.
  • Vergeleken met een annuïteitenhypotheek los je bij een lineaire hypotheek sneller af, omdat je al vanaf het begin een vast bedrag aflost. Bij een annuïteitenhypotheek los je in het begin relatief weinig af.
  • De bruto en netto maandlasten dalen beiden tijdens de looptijd van de hypotheek.

De nadelen

  • Aan het begin zijn de maandlasten van een lineaire hypotheek hoog. Dit komt doordat aan het begin nog veel rente moet worden betaald. Hierdoor heb je aan het begin echter ook relatief veel belastingvoordeel van de hypotheekrenteaftrek.
  • In de meeste gevallen krijg je bij deze hypotheekvorm een lagere hypotheek. De reden hiervoor zijn de relatief hoge maandlasten aan het begin van de looptijd.

Hypotheek restschuld: wat nu?

Hypotheek restschuld: wat kun en moet je nu doen?

Als je een hypotheek op je huis hebt, kan het zijn dat je te maken krijgt met een eventuele restschuld. Een restschuld doet zich voor als de waarde van jouw huis onder de waarde van de hypotheek ligt. Een restschuld kan financieel problemen geven. Bovendien is het nooit leuk om een dergelijke schuld open te hebben staan. Als je een restschuld hebt of je ziet dat er mogelijk een restschuld gaat ontstaan, wat moet je dan doen? Dat bespreken we hier.

Hoe ontstaat restschuld?

Zoals al gezegd is, ontstaat een restschuld als de waarde van jouw huis of pand onder de waarde van de hypotheek ligt. Het verschil tussen deze twee waardes is de restschuld. Een voorbeeld:

Jouw huis was 300.000 euro waard toen je het kocht. Jij hebt hiervoor toen een hypothecaire lening van 250.000 euro afgesloten.

De huizenprijzen zijn gedaald en de waarde van jouw woning ligt nu op 200.000 euro. Het hypotheekbedrag dat jij nog open hebt staan is 220.000 van de 250.000 euro. Omdat jouw huis nu maar 200.000 euro waard is, is er een verschil van 20.000. Dat is de restschuld.

De bank op de hoogte brengen

Wat moet en kun je doen als je een restschuld hebt of als je een restschuld dreigt te krijgen door bijvoorbeeld dalende huizenprijzen?

Het eerste en misschien wel het belangrijkste is om contact op te nemen met de bank. Jij moet de bank ervan op de hoogte brengen dat je een restschuld hebt of krijgt. In sommige gevallen is dit zelfs verplicht.
Heb je zelf niet genoeg geld om de restschuld mee op te kunnen vangen? Dan moet je soms eerst toestemming hebben van de bank voordat je, je huis in de verkoop mag zetten.
Tevens kan de bank je mogelijk helpen met het vinden van een oplossing voor de schuld.

Het heeft weinig zin om het doorgeven aan de bank uit te stellen, omdat je wellicht vreest voor mogelijke gevolgen. Vroeg of laat zal je de bank namelijk toch op de hoogte moeten stellen en zij hebben hier ervaring mee. Wellicht komen zij wel met oplossingen waar jij zelf nog niet aan gedacht hebt!

Aflossen met spaargeld

Als je voldoende geld op je spaarrekening hebt staan, zou je dit of een deel hiervan in kunnen zetten om de restschuld mee af te lossen. Kijk hierbij niet alleen naar spaargeld op een rekening, maar denk ook aan bijvoorbeeld geld dat je in beleggingen hebt gestoken, zoals aandelen.

Belastingvrije schenking

Vanaf 2017 is het mogelijk om eenmalig een schenking van maximaal €100.000 te ontvangen voor je eigen huis zonder dat je daar belasting over hoeft te betalen. Mocht je een schenking ontvangen, dan zou je dit in kunnen zetten voor het aflossen van de restschuld.

Schuld opvangen met lening

Een andere optie is om de restschuld te betalen met een andere lening. Hierdoor blijf je uiteindelijk wel nog steeds met een schuld zitten, let daar goed op. Je kunt ook informeren bij de bank naar de mogelijkheid om de restschuld in een normale lening om te laten zetten. De rente op een gewone lening is wel hoger dan die op een hypotheek.

Schuld opnemen in nieuwe hypotheek

Als je voor een nieuw huis ook weer een hypotheek af moet sluiten, kan het mogelijk zijn om de restschuld in die hypotheek op te nemen. De meeste banken zijn echter terughoudend met het verstrekken van een hypotheek waarvan de waarde boven de woningwaarde ligt. Zij lopen dan immers het risico dat er weer een restschuld ontstaat.

Restschuld en niet van plan te verkopen?

Als je merkt dat er een restschuld ontstaat, maar je bent niet van plan om je woning te verkopen, dan kun je besluiten om tussentijds extra af te lossen om het openstaande leenbedrag omlaag te krijgen. Een andere optie is om af te wachten. Mogelijk gaan de huizenprijzen op den duur weer stijgen, waardoor de waarde van jouw woning weer boven het leenbedrag uitkomt en de restschuld dus krimpt of verdwijnt. Dit is echter nooit met zekerheid te voorspellen.